Methode voor het toetsen van productieve pragmatische vaardigheden. Er worden 31 pragmatische vaardigheden onderzocht die onderverdeeld zijn in de categorieën Communicatieve Functies (CF, 24 items), Conversatievaardigheden (CV, 18 items) en...
Begeleidingsinstrument met 25 items gericht op het signaleren van psychosociale problemen bij kinderen. Het instrument is opgebouwd uit vijf subschalen (5 items per subschaal) en een Totale Probleemscore (subschaal 1 t/m 4):-...
Observatieschaal met 44 items gericht op het signaleren van psychische en psychiatrische problematiek bij bewoners in een verzorgingstehuis. De items zijn verdeeld over de schalen Apathie (9 items), Cognitie (9 items), Affect (10 items),...
Test met 70 items gericht op alle aspecten van bewegen/motoriek. De opdrachten zijn verdeeld over vier onderdelen:- Statische motoriek (7 items), voorbeeld: ‘Op één been staan, rechts'.- Dynamische motoriek (9 items), voorbeeld: ‘Voorwaarts...
De toets bestaat uit een Verbaal/theoretisch gedeelte met de subtoetsen Woordenschat, Zinsbouw, Logisch redeneren met woorden, Soortbegrip en een Wiskundig praktisch gedeelte met de subtoetsen Ruimtelijk 2-dimensionaal, Ruimtelijk...
De BOB is geconstrueerd door samenvoeging van subtests uit de Test Basisschool I en II, TBS, 1979. De acht subtests omvatten drie factoren: Verbale aanleg, Rekenkundige aanleg en Algemeen logisch inzicht en meten ook het werktempo. De...
Screeningsinstrument met twee versies: de CST14, die 14 vragen bevat betreffende eenvoudige feitenkennis die is opgedaan in het verleden, en de CST20, met 20 vragen (zes iets moeilijker vragen zijn toegevoegd). Het instrument dient om t.b.v. de...
De vragenlijst is gebaseerd op het stressmodel van Lazarus (1970) en de attributietheorie van Weiner (1972) en bestaat uit vier delen:A. Subjectieve Gezinsbelasting; vragenlijst met acht categorieën zoals Acceptatie, Aankunnen, Problemen hebben...
De VSPS is gebaseerd op het meervoudig risicomodel van psychosociale (gedrags)proble-matiek bij jeugdigen van Van der Ploeg en Scholte (1990-1997) dat vijf belangrijke risicogebieden omvat (gedrag, persoonlijkheid, gezinsmilieu, schoolsituatie,...
Observatieschaal in te vullen door (2) ziekenverzorgers/verpleegkundigen die de patiënt dagelijks meemaken. Er zijn 14 subschalen met totaal 82 items met vier antwoordcategorieën. De schalen zijn afzonderlijk toe te passen en betreffen het...