De test bestaat uit een boek met 60 getekende plaatjes van opklimmende moeilijkheidsgraad. Het object en soms enige onderdelen moeten door het kind benoemd worden. Aanwijzingen voor de scoring.
De test bestaat uit een mentale schaal (MS) met 163 dichotome items in oplopende moeilijkheidsgraad, een motorische schaal (MR) met 81 dichotome items, een gedragsobservatielijst (GO) met 25 items met een negenpuntsschaal en een vragenlijst naar...
De vragenlijst bestaat uit 52 items met de volgende schalen: Welbevinden (W), Invaliditeitsbeleven (I), Ontstemming (O), Sociale geremdheid (S). Antwoordcategorieën: juist/?/onjuist.